Sunnah (levenswijze) en Hadith (overleveringen)

Basmallah

 

http://uwkeuze.net/inleiding-tot-de-soennah/

http://www.uwkeuze.net/Artikelen/Verrijk%20uw%20kennis/Inleiding%20tot%20de%20Soennah.html

http://uwkeuze.net/introductie-tot-de-ahaadieth/

http://uwkeuze.net/het-volgen-van-allahs-boodschapper-is-een-verplichting/

 

“Maar nee, bij jouw Heer, zij geloven niet totdat zij jou (O Moh’ammed) laten oordelen over alle onenigheden tussen hen en vervolgens geen weerstand in zichzelf ondervinden tegen wat jij oordeelde, en zij onderwerpen zich met volledige overgave.” [Soerat an-Nisaa-e (4), aayah 65.]

“Wie de boodschapper (Moh’ammed) gehoorzaamt, gehoorzaamt dan werkelijk Allah…” [Soerat an-Nisaa-e (4), aayah 80.]

“En het is niet gepast voor een gelovige man noch een gelovige vrouw, wanneer Allah en Zijn boodschapper (Moh’ammed) een kwestie hebben besloten, dat er voor hen een andere keuze is in hun kwestie. En wie Allah en Zijn boodschapper niet gehoorzaamt, hij is dan werkelijk afgedwaald naar een duidelijke dwaling.” [Soerat al-Ah’zaab (33), aayah 36.]

Allah Soebh’aanahoe wa Ta’aalaa (Glorieus en Verheven is Hij) zegt in Zijn Edele Koran (Nederlandstalige interpretatie): “Bij Allah! Er is voor jullie in de boodschapper van Allah (Moh’ammed – salallaahoe ‘alayhie wa sallam) werkelijk een goed voorbeeld voor degene die op Allah en de Laatste Dag hoopt en die Allah veel gedenkt.” [Soerat al-Ah’zaab (33), aayah 21.]

Wat betekenen de termen ‘sunnah’ en ‘hadith’? Wat is het belang ervan?

Het is van belang dat we het verschil aangeven tussen de Koran enerzijds en de ḥadīth, de soenna anderzijds. Volgens een aantal verzen uit de Koran krijgt de persoonlijkheid van de Profeet in de Islam een bijzondere plaats. Bijvoorbeeld in het volgende vers:

Jullie metgezel [de profeet Mohammed] dwaalt niet, noch is hij misleid; noch spreekt hij vanuit zijn eigen verlangens. Niet anders is het dan een openbaring, die [aan hem] is geopenbaard; die hem werd onderwezen door een machtige [en krachtige], volmaakt geschapene.”  (al-Najm, 53: 3-4)

Niet alleen zijn uitspraken, maar ook zijn handelingen en zijn stilzwijgende goedkeuringen veranderen immers in een bron van wetgeving, die tot aan de Dag des Oordeels van kracht zal blijven.

De openbaring is overigens door de Profeet heel duidelijk in twee gedeeltes opgedeeld: in sommige gevallen zei hij: “Dit komt van Allah. Schrijf het op en memoriseer het om het in jullie dagelijkse gebeden te reciteren –dit is de Koran.” In sommige andere gevallen gebood hij zijn metgezellen iets te doen, of verrichtte hij zelf handelingen zonder iets te zeggen of te dicteren. Vanuit dat perspectief wordt in de Islam het onderscheid gemaakt tussen de “gereciteerde openbaring (al-waḥī al-matlū)”, die tijdens gebeden wordt gereciteerd, en de “niet-gereciteerde openbaring (al-waḥī ghayr al-matlū)”. De overleveringen over de handelingen en de gedragingen van de Profeet vallen zodoende in de categorie ḥadīth of soenna. Op basis van zijn uitspraken, daden en goedkeuringen wordt de profeet Mohammed als “eerste uitlegger van de Koran” beschouwd.  ʿĀʾisha, de vrouw van de Profeet, beschreef de Profeet als “het karakter van de Koran” of “de wandelende Koran”.

Er zijn ook gevallen geweest waarbij Allah de beslissing van de Profeet niet goedkeurde en onmiddellijk een openbaring zond, opdat de gemeenschap de goddelijke wil niet zou schenden. Er is dus een duidelijk onderscheid aanwezig tussen de persoonlijkheid van de boodschapper van Allah geplaatst tegenover zijn menselijke, humane persoonlijkheid.

De Islam is gebaseerd op de Koran en de sunnah. De Koran wordt door moslims beschouwd als het letterlijke woord van God zoals het letter per letter door de aartsengel Gabriël geopenbaard werd aan profeet Mohammed (vrede zij met hem). De sunnah is het geheel van overleveringen over de handelingen, gebruiken en uitspraken van de profeet.

  • Wat betekend sunnah?
  • Wat betekend hadith?
  • Waarom dienen wij de sunnah te volgen?
  • Het belang en de autoriteit van de sunnah.

Wat betekent ‘Sunnah’?

Sunnah, mv. sunan: “manier”, “voorbeeld”, “levenswijze” of  “handelswijze”. Het verwijst voornamelijk naar de gebruikelijke handelswijze van de Profeet (Allah zegene hem en geve hem vrede), inclusief zijn gezegden, daden en stilzwijgende goedkeuringen of afkeuringen. 

Het slaat op datgene wat de profeet (sallalahoe alahi wasalam) zei, deed of waar hij het mee eens was.

U kunt de Soennah bestuderen om te zien dat de Profeet (sallalahoe alahi wasalam) een mooi voorbeeld heeft gegeven in de diverse situaties van het leven. Als u zijn levenswandel volgt, kan het u niet ontgaan hoe volledig hij op God vertrouwde, hoe betrouwbaar en toegewijd hij was, hoe zijn vroomheid aanhield, ook bij zijn strijd om Allahs woord boven alles te laten zegevieren, zijn kracht en wijsheid en zijn medeleven en zorg voor de mens.
Hij was zo edelmoedig en zijn voorbeeld was zo mooi, dat de metgezellen meer van hem hielden dan van zichzelf.
Ons belangrijkste doel om de Soenna te bestuderen moet dus het ontwikkelen van een innige liefde voor de profeet (sallalahoe alahi wasalam) zijn, en de grote wens om zijn voorbeeld te volgen.
Omdat Mohammed (sallalahoe alahi wasalam) de laatste boodschapper van Allah is, heeft zijn leven en zijn werk een waarde die boven zijn tijd uitstijgt.
De Soenna van de profeet (sallalahoe alahi wasalam)benadrukt de natuurlijke behoeften, die elke mens heeft.

Op een praktisch niveau hebben we de Soenna nodig om er achter te komen, hoe wij de belangrijke verplichtingen zoals Salaat (gebed), het vasten in de Ramadan en de Hadj moeten verrichten. Voor zulke daden van aanbidding mag er niets aan de Soenna toegevoegd worden, maar er mag ook niets weggelaten worden.

Dus zonder het gedetailleerde voorbeeld van de profeet (sallalahoe alahi wasalam) en zijn instructies kunnen we de Qur’aan niet in alle opzichten toepassen.
In de Qur’aan staat bijvoorbeeld dat wij de Salaat (het gebed) moeten verrichten.
De profeet laat ons zien hoe dat moet en draagt ons op: “Bid zoals je mij hebt zien bidden.” Er mag niets aan deze manier om het gebed te verrichten toegevoegd of weggelaten worden.
De Qur’aan draagt ons op de Hadj te verrichten en de weldaad daarvan te ondergaan.
De profeet (sallalahoe alahi wasalam) laat ons zien hoe we de Hadj moeten uitvoeren en beveelt ons: “Neem mij als voorbeeld voor het uitvoeren van de riten van de pelgrimage.” De pelgrims moeten daarom de Hadj op dezelfde manier uitvoeren als hij het deed en mogen slechts de variaties aanbrengen, die hij toestond.
De Qur’aan vertelt ons dat de moslims overleg met elkaar plegen om hun zaken te behartigen.
De Soenna laat ons zien hoe dat ging en gedaan kan worden.
De Qur’aan beveelt ons goed te doen, want Allah soebhana wa ta alaa heeft degenen die goed doen, lief.
Hoewel het veel manieren aangeeft om goed te doen, geeft de Soenna van de profeet (sallalahoe alahi wasalam) meer precieze aanwijzingen hoe goed te doen en liefdadigheid of sadaqah in de praktijk te brengen.
Een aantal dingen die de profeet (sallalahoe alahi wasalam) deed, hoorden bij de tijd en de plaats waarin hij leefde.
Het feit bijvoorbeeld dat hij vaak een hoofdbedekking droeg en op een kameel reed, betekent nog niet dat alle moslims tulbanden moeten dragen en op kamelen moeten rijden.
Maar de herhaalde instructie, dat de kleding die iemand draagt, schoon moet zijn en bepaalde delen van het lichaam moeten bedekken, en dat hij zijn dieren moet voeden, laven, voldoende rust geven en met vriendelijkheid moet behandelen, is de Soenna die gevolgd moet worden.

We moeten daarom meer van de Soenna weten, en niet alleen wat de profeet (sallalahoe alahi wasalam) deed, maar ook waarom en hoe hij iets deed.

Omdat de Soenna ook voor alle tijden die nog moesten komen, gold, is
er voorzien in mogelijkheden om zaken te behandelen, die nog niet bij de mensen uit de tijd van de profeet (sallalahoe alahi wasalam) voorkwamen.

1) Sunnah van Qawleeyah.
Dus, wat de Boodschapper zei, zeggen wij ook

2) Sunnah van Fi’leyah.
Wat hij deed, doen wij ook

3) Sunnah van Taqreeriyah.
Wat hij goedkeurde, keuren wij ook goed

4) Sunnah van Tarkiyah.
Wat hij gelaten heeft, laten wij ook

 

Wat betekend ‘Hadith’?
Om erachter te komen wat de Sunnah van onze laatste Profeet Mohammed (vrede zij met hem) was, dienen we een kijkje te nemen in de Hadith. Het meervoud van het woord hadith is ahadith en het betekent letterlijk ‘datgene wat verteld wordt’. In het Nederlands wordt het woord hadith veelal vertaald als overlevering of als uitspraak van de Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) en dit is ook wat de Islamitische betekenis van het woord inhoudt. Een hadith geeft een handeling, een uitspraak of een (stilzwijgende) goedkeuring van de Profeet Mohammed (vrede en zegeningen zij met hem) weer, die hij verricht, gezegd of goedgekeurd heeft. Daarnaast zijn er ook overleveringen die het karakter van de Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) beschrijven en deze beschrijvingen worden ook tot de hadith gerekend. Op deze website staan verschillende hadith online.

De ahadith helpen ons bij het juist praktiseren van de islam, want onder andere door middel van de overleveringen kunnen we inzicht krijgen hoe de Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) zijn leven inrichtte, hoe hij de islam praktiseerde en hoe hij reageerde in verscheidene situaties. Hij, als Profeet van Allah, wist het beste hoe de islam op de beste wijze gepraktiseerd moet worden. Allah de Verhevene heeft hem (vrede en zegeningen zij met hem) als leraar naar de mensheid gestuurd en het is hem die wij dienen te volgen.

De ahadith nemen een zeer belangrijke positie in binnen de bronnen van de islam. Ze vormen samen de basis van de Sunnah van de Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) en dit is, samen met de Koran, het Woord van Allah, de belangrijkste bronnen voor de moslim. Iedere moslim dient in welke situatie dan ook terug te keren naar deze twee bronnen om zo op de juiste manier de islam te praktiseren en iedere moslim dient deze bronnen te volgen.

De Sunnah kan aangemerkt worden als een uitleg en een aanvulling van de Koran. Beiden hebben elkaar nodig om de islam op een juiste manier te kunnen uitleggen. Zo staat de verplichting dat men dient te bidden in de Koran geschreven, maar de wijze waarop wij dit behoren te doen, staat beschreven in de Sunnah van de Profeet (vrede en zegeningen zij met hem). Beide bronnen zijn dus aan elkaar verbonden en kunnen niet los van elkaar gezien worden.

Het bijzondere van de ahadith is dat zij al langer dan 1400 jaar geleden steeds van generatie op generatie overgeleverd wordt. Verschillende metgezellen hadden de verheven taak om de woorden van de Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) te horen, te onthouden en door te geven en zij namen deze taak uiterst serieus. Zij hebben overleveringen doorgegeven met daarin de kleinste details beschreven. Situaties die wij vandaag de dag zouden vergeten, onthielden zij en gaven zij door. De metgezellen (en ook degenen die na hen kwamen) hebben een zeer belangrijke rol gespeeld bij het doorgeven van uitspraken, bevestigingen en handelingen van de Pofeet (vrede en zegeningen zij met hem). Zij hebben er, met de wil van Allah, voor gezorgd dat wij tot op de dag van vandaag nog steeds in staat zijn om de Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) te volgen en om de islam te praktiseren op basis van de Koran en de sunnah op basis van het begrip van de metgezellen van Mohammed (vrede en zegeningen zij met hem). Bekijk verschillende overleveraars.

Na de overleveraars kwamen de verzamelaars, zoals Bukharie en Muslim, die een grote rol hebben gespeeld bij het overbrengen van ahadith, zodat we het vandaag de dag alsnog kunnen gebruiken. Zij hebben grote reizen gemaakt en vele mensen gesproken om overleveringen van de Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) te verkrijgen. Hun eisen die zij stelden aan overleveraars waren streng, maar wel rechtvaardig. Het kwam zelfs voor dat een verzamelaar een lange reis afgelegd had, de hadith wilde opnemen, maar dat hij erachter kwam dat de overleveraar niet betrouwbaar genoeg was en terugkeerde, zonder hadith. Zij hebben de overleveringen vastgelegd in hun boeken, zodat wij er tot op de dag van vandaag nog altijd nut van kunnen hebben.

Prijs Allah de Verhevene, want Hij is Degene Die ons in staat stelt om blijvend te profiteren van de prachtige woorden in de Koran en in de verschillende ahadith. Moge Allah deze kennis niet van ons wegnemen en ons in staat stellen om de woorden van de Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) te blijven overbengen, ook naar volgende generatie. Deze taak is nu aan jou en mij.

Een aantal bekende verzamelingen van hadith werden gemaakt door Imam Al-Bukhari, Imam Muslim, Imam An-Nasa’i, Imam Abu Dawood, Imam At-Tirmizi en Imam Majah. Er zijn er ook vele andere.

Net zoals bij de Koran, geldt ook hier de waarschuwing dat het doorgronden van de sunnah en het islamitisch rechtskader in de islam vele jaren hogere studies vergt. Men kan dus niet zomaar wat uitspraken citeren en dan stellen dat dit de algemene leer is van de islam. Het zouden net zo goed een reeks uitzonderingsmaatregelen kunnen betreffen. Het is niet omdat met een atlas in huis heeft dat men een aardrijkskundige heeft, zo ook is het niet omdat met een hadith collectie staan heeft dat men een rechtsgeleerde is.

Omdat moslims niet allemaal dergelijke hoge studies kunnen doen, laten moslims dit werk over aan Islamitische geleerden of imams.  Zij hebben de vereiste kennis. Zij vragen dan aan een geleerde wat de Islam hen voorschrijft in deze of gene situatie. Het antwoord daarop, is een fatwa. Een fatwa is dus helemaal geen islamitisch doodsoordeel, maar gewoon de opinie van een geleerde die zich daarvoor baseert op de koran en de sunnah, in antwoord op een vraag gesteld door om het even wie over om het even wat. Fatwas kunnen over van alles gaan, sociologische vraagstukken, dagelijkse zaken, etiquette, economie, of wat dan ook.

Een hadith heeft twee delen: een isnad en een mat’n. De isnad is de lijst van personen die het bericht hebben overgeleverd. Het woord isnad betekent eigenlijk “steun” of “grondslag”, omdat de betrouwbaarheid en de juistheid van de inhoud van een hadith wordt geacht gegarandeerd te zijn door de betrouwbaarheid van deze lijst, en van de in deze lijst genoemde moslims. Een isnad dient terug te gaan tot op de Profeet zelf, of tot op een van zijn metgezellen.

In vertaling van een isnad komt de formule “op gezag van” uiteraard regelmatig voor. Het Arabische gebruik daarvoor het voorzetsel ‘an. De inhoud van de hadith wordt mat’n genoemd. Er bestaan Arabische teksten waarin de lezer geconfronteerd wordt met steeds haast dezelfde mat’n met iedere keer verschillende isnads. Maar zelfs als de mat’n van twee ahadith geheel gelijk zijn, dan is er toch sprake van twee ahadith omdat er verschillen zijn in de isnad.

De isnad speelt dus een belangrijke rol in de wetenschap van de hadith, omdat op haar basis men een uitspraak kan doen betreffende de betrouwbaarheid van de overlevering. De personen in de keten van overlevering moesten aan de hoogst mogelijke eisen van betrouwbaarheid voldoen, wilde een hadith waarin zij als overleveraar voorkomen geaccepteerd worden alszijnde “betrouwbaar”. Bijvoorbeeld, imam Boechari reisde eens honderden kilometers om een man te bezoeken, die hem mogelijker een hadith van de Profeet (saw) zou kunnen vertellen. Na een zware reis kwam imam Boechari aan op de plaats van bestemming. Daar zag hij dat de bewuste man buiten zijn huis stond en bezig was zijn paard dat verderop aan het grazen was, met een lege haverzak naar zich toe te lokken. Imam Boechari concludeerde hierop dat de man onbetrouwbaar was, hij ‘loog’ immers tegen zijn paard, en vertrok daarop onmiddellijk, zonder ook maar één woord met de man te wisselen. Deze anekdote laat duidelijk zien hoe nauwkeurig en veeleisend Imam Boechari was bij het verzamelen van de hadith.

Voorbeelden van verdere vereisten die gebruikelijk werden gesteld aan de personen die voorkwamen in de isnad zijn:

  • De naam, bijnaam, titel, afkomst en het beroep van de persoon moest bekend zijn.
  • De persoon mocht geen enkele leugen gesproken hebben over een Hadith van de Profeet (saw).
  • De persoon mocht nooit van een misdaad beschuldigd zijn.
  • De persoon mocht niet ooit bij andere voorvallen een leugen hebben verteld.
  • De persoon mocht niet bij herhaling fouten of grove overtredingen gemaakt hebben.
  • De persoon moest bekend staan als over een goed geheugen te beschikken.

Om als “saheeh (betrouwbaar)” geclassificeerd te kunnen worden, stelden de grote verzamelaars van de ahadith dus zware vereisten aan degenen genoemd in de isnad. Vandaag de dag nog bestaan de boeken waarin deze personen en hun afkomst (stamboom) uitvoerig wordt beschreven. Gezien deze hoge eisen is het onjuist om te stellen dat de hadith in het algemeen onbetrouwbaar zijn. [bron Expliciet: “de hadith”, en “Over de Hadithwetenschappen”]

 

 

Vraag:

Waarom dienen wij de Soennah van de Profeet Mohammed (vrede zij met hem) te volgen en niet gewoon de Koran? En waarom moeten wij een specifieke Madhhab (stroming) volgen?

Antwoord:

Alle lof zij Allah.

De eerste vraag kan enigszins als vreemd en verrassend gezien worden door praktiserende moslims. Hoe kan iets wat overduidelijk tot de fundamenten van de Islam behoort, een zaak van discussie en debat worden? Maar aangezien deze vraag gesteld is, zullen we – met de Wil van Allah – de basisprincipes en grondbeginselen uitleggen van het belang van de Soennah, de verplichting om deze te volgen en de uitspraak over degenen die het weigeren te volgen. Daarnaast zullen wij degenen die twijfelen, en de afgedwaalde groepering die zichzelf de “Qoer’aaniyyoen” (de Koran heeft niets met hen te maken) noemen weerleggen. Met de Wil van Allah zal deze discussie ten goede komen aan iedereen die de waarheid hierover wil begrijpen.

1. De Koran spreekt over het belang van de Soennah:

Allah, de Verhevene, zegt bijvoorbeeld (interpretatie van de betekenis):

“Wie de Boodschapper gehoorzaamt, hij gehoorzaamt waarlijk Allah…”

(Soerat an-Nisaa’:80)

Allah, de Verhevene, omschreef gehoorzaamheid aan de Profeet (vrede zij met hem) als een onderdeel van gehoorzaamheid aan Hem. Vervolgens maakte Hij een verbinding tussen gehoorzaamheid aan Hem en gehoorzaamheid aan de Profeet (vrede zij met). Hij, de Verhevene, zei (interpretatie van de betekenis):

“O jullie die geloven, gehoorzaam Allah en gehoorzaam de Boodschapper…”

(Soerat an-Nisaa’: 59)

  • Allah waarschuwt ons om niet tegen de Profeet (vrede zij met hem) in te gaan, en stelt dat degenen die hem ongehoorzaam zijn eeuwig verdoemd zullen zijn in de Hel. Allah, de Verhevene, zegt (interpretatie van de betekenis):

“Laten degenen die zijn bevel ongehoorzaam zijn opletten dat een beproeving hen treft of een pijnlijke bestraffing hen treft.”

(Soerat an-Noer: 63)

  • Allah heeft het gehoorzamen van Zijn Profeet (vrede zij met hem) tot een religieuze verplichting gemaakt. Het bieden van weerstand of het bestrijden ervan is een teken van hypocrisie. Zo zegt Allah (interpretatie van de betekenis):

“Bij jouw Heer, zij geloven niet totdat zij jou laten oordelen over waar zij over van mening verschillen en dan in zichzelf geen weerstand vinden tegen wat jij oordeelde, en zij aanvaarden (het dan) volledig.”

(Soerat an-Nisaa’: 65)

  • Allah beveelt Zijn dienaren om gehoor te geven aan Hem en Zijn Boodschapper. Zo zegt Hij (interpretatie van de betekenis):

“O jullie die geloven, geef gehoor aan Allah en aan de Boodschapper wanneer hij jullie oproept tot wat jullie leven geeft…”

(Soerat al-Anfaal: 24)

  • Ook beveelt Allah Zijn dienaren om alle geschillen aan de Profeet (vrede zij met hem) voor te leggen. Hij, de Verhevene, zegt (interpretatie van de betekenis):

“…Als jullie over iets van mening verschillen, leg het dan voor aan Allah en de Boodschapper…”

(Soerat an-Nisaa’: 59)

2. De Soennah zelf geeft het belang van de Soennah aan

Aboe Raafic en anderen verhaalden bijvoorbeeld dat de Profeet (vrede zij met hem) zei: “Ik wil niemand van jullie steunend op zijn bank zien en, wanneer hij van mijn bevelen of verboden hoort, zegt: “Ik accepteer het niet, we hebben een dergelijke zaak niet in het Boek van Allah gevonden.” Aboe cIesa zei: “Dit is een overlevering die Sahieh Hasan is.

(Soenan at-Tirmidhie, Shaakir, nr. 2663)

Al-Irbaad ibn Saariyah heeft overgeleverd dat de Profeet (vrede zij met hem) zei: “Zou iemand van jullie – al steunend op zijn bank – denken dat Allah slechts in de Koran zou beschrijven wat verboden is? Ik zeg jullie, bij Allah, dat ik jullie heb gewaarschuwd, en jullie zaken heb bevolen en verboden die net zo belangrijk zijn als wat er in de Koran te vinden is, als het niet meer is.”

(Aboe Daawoed, Kitaab al-Khiraadj wal-Imaarah wal-Fay)

  • Aboe Daawoed heeft ook verhaald van al-Irbaad ibn Saariyah dat hij zei: “De Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) ging ons op een dag voor in het gebed, waarna hij zich tot ons wendde en ons zwaar berispte. Hij (vrede zij met hem) zei: Houd jullie vast aan mijn Soennah(handelswijze)en de Soennah van de rechtgeleide kaliefen na mij. Hecht jullie hieraan en hou je hieraan vast.”

(Sahieh Aboe Daawoed, Kitaab us-Soennah)

3. De geleerden zijn het eens (Idjmaacover het belang van de Soennah

Imam ash-Shaaficie zei: “Ik ken niemand van onder de metgezellen en de Taabicien die een overlevering van de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) verhaalde zonder het te accepteren, zich eraan te houden en te bevestigen dat dit Soennah was. Degenen die na de Taabicien kwamen en degenen die wij ontmoetten deden hetzelfde. Zij accepteerden allemaal de overleveringen en namen deze aan als Soennah, prezen degenen die ze volgden en bekritiseerden degenen die hier tegenin gingen. Eenieder die afweek van dit pad zou door ons aangemerkt worden als iemand die afgeweken is van de weg van de metgezellen van de Profeet (vrede zij met hem) en de geleerden die hen volgden, en zouden beschouwd worden als één van de onwetenden.”

4. Het gezonde verstand geeft het belang van de Soennah aan

Het feit dat de Profeet (vrede zij met hem) de Boodschapper van Allah is, geeft aan dat we alles moeten geloven wat hij zei en dat we ieder bevel dat van hem afkomstig is moeten opvolgen. Het is vanzelfsprekend dat hij (vrede zij met hem) ons dingen heeft verteld en instructies heeft gegeven als aanvulling op wat er in de Koran staat. Het is nutteloos om een onderscheid te maken tussen de Soennah en de Koran wanneer het gaat om het naleven ervan en gehoorzaamheid hieraan. Het is dan ook verplicht om te geloven in wat hij (vrede zij met hem) ons verteld heeft en om zijn bevelen te gehoorzamen.

Het oordeel over degenen die het belang van de Soennah ontkennen, is dat zij ongelovigen zijn. Dit omdat zij een welbekend en onbetwistbaar onderdeel van de religie verwerpen en ontkennen.

Wat betreft de vraag of een moslim verplicht is om een bepaalde wetschool te volgen; het antwoord hierop is dat hij dat niet hoeft te doen. De gemiddelde moslim volgt de Madhhab van zijn Moefti, of geleerde die hij raadpleegt voor religieuze oordelen. Hij moet die vrome geleerden die hij vertrouwt (wanneer nodig) om adviezen vragen. Als een persoon voldoende kennis heeft om onderscheid te maken tussen welk bewijs en mening sterker is, dan moet hij de mening volgen van de geleerde die het sterkst ondersteund wordt door de Koran en de Soennah.

Het is acceptabel voor een moslim om één van de vier bekende wetscholen te volgen, op voorwaarde dat hij begrijpt dat de waarheid van een bepaalde kwestie bij een andere wetschool kan liggen. In dat geval moet hij de mening van zijn eigen wetschool negeren en de waarheid volgen. Het doel van de moslim is het volgen van de waarheid die in overeenstemming is met de Koran en de Soennah. De wetscholen van de Fiqh zijn slechts een middel om de Ahkaam (regels) te bereiken die gebaseerd zijn op de Koran en de Soennah. Zij zijn niet de Koran en Soennah zelf.

We vragen Allah om ons de Waarheid te laten zien en ons te helpen deze te volgen, en om ons de valsheid te tonen en ons te helpen deze te vermijden. Moge Allah onze Profeet Mohammed zegenen.

 

Video: Het belang en de autoriteit van de sunnah.

Koran en Sunnah: Tekst en uitleg: Theorie en praktijk.

=============================================

De taalkundige betekenis van ‘Sunnah’

In het Arabisch (zonder enige religieuze contekst) betekent ‘Sunnah’ een werkwijze of methode die twee vormen kan aannemen: ofwel een goede Sunnah ofwel een slechte Sunnah.

Religieuze betekenis van ‘Sunnah’

Een andere context waarin het woord ‘Sunnah’ wordt gebruikt, is voor alles wat werd overgeleverd over wat de Profeet (vrede en zegeningen met hem) heeft gezegd, gedaan of toegestaan te doen. Deze verhalen zijn doorgegeven in Ahadith.

Sunnah is nodig om de Islam te begrijpen

De Gezellen van de Profeet (vrede en zegeningen met hem) haalden hun oordeel over verschillende aangelegenheden in hun leven uit de Quran, die zij van de Profeet (vrede en zegeningen met hem) leerden. In veel zaken behandelen de Ayaat (verzen) van de Quran het onderwerp op een algemene manier, zonder specifieke voorwaarden. Soms is het vers een absoluut oordeel, zonder voorwaarde, en geeft het geen beperking qua tijd, plaats, enz…

Salaah (het gebed) is hiervoor een goed voorbeeld. De Quran zegt niet hoeveel Rakaat (eenheden van het gebed) we moeten verrichten, hoe we ons fysiek moeten bewegen tijdens het gebed of wat het tijdstip voor het gebed is.

Vaak stonden de Gezellen voor situaties die niet door de Quran werden behandeld, en dan moesten ze zich wenden tot de Profeet (vrede en zegeningen met hem) om het oordeel over die zaken te kennen. Het was de Profeet (vrede en zegeningen met hem) die van Allah het bevel had gekregen de mensheid te onderrichten en het is de Profeet die van de mensen de meeste kennis heeft over wat Allah van ons verwacht.

Allah heeft gezegd:

(Wij zonden hen) met duidelijke (Tekenen) en de Zabôer.
En Wij
deden aan jou de Vermaning (de Koran) neerdalen
om aan de mensen duidelijk te maken wat aan hen neergezonden is.
En hopelijk zullen zij nadenken.
(De Edele Quran 16:44)

Allah heeft ons ook duidelijk gemaakt dat het de plicht is van de Profeet (vrede en zegeningen met hem) bij een meningsverschil onder de mensen de waarheid te verduidelijken:

En Wij hebben aan jou (O Moehammad) het Boek slechts doen neerdalen
om hen duidelijk te maken waarin zij verschillen,
en als Leiding en Barmhartigheid voor een volk dat gelooft.”
(De Edele Quran 16:64)

 

De rechten van de Profeet (vrede en zegeningen met hem)

1.                   De rechten van de Profeet zijn het allerbelangrijkst, na de rechten van Allah. Er is geen mens die meer rechten heeft dan de Profeet. Allah heeft gezegd:

 “Voorwaar, Wij hebben jou gezonden als een getuige en een verkondiger en een waarschuwer, opdat jullie in Allah en Zijn Boodschapper zullen geloven en jullie Hem helpen en Hem eren en Zijn Lof prijzen, ‘s ochtends en ‘s avonds.”
(De Edele Quran 48:8-9)

2.                   De liefde voor de Profeet moet groter zijn dan iemands liefde voor zichzelf, zijn kinderen, familie en wereldse bezittingen. De Profeet heeft gezegd wat vertaald het volgende betekent:

“Niemand van jullie zal geloofd hebben tot ik hem dierbaarder ben dan zijn kinderen, ouders en alle mensen.” (Bukhari en Muslim)

3.                   Eerbied en waardering voor hem moet op de best mogelijke manier worden beoefend. Respect voor de Profeet houdt in dat we de Sunnah respecteren en navolgen na zijn dood. We moeten hem zijn rechten geven zoals het hoort, zonder overdrijving. Als we lezen hoeveel de Gezellen van de Profeet hielden en hem eerbiedigden, kennen we meteen het belang hiervan.

Toen de Quraysh (de stam van de Profeet) Urwah Ibn Mas’ud uitzonden om met de Profeet te onderhandelen in het gebied van Hudaybiyah, was die erg onder de indruk van de manier waarop de Gezellen de Profeet behandelden. Hij zei:

“Ik heb de koningen van Perzië, Rome en Abessinië bezocht, maar nergens heb ik een leider gezien die meer werd geëerd en gerespecteerd dan Muhammad. Als hij hen beval iets te doen, deden ze dat zonder dralen. Als hij de Wudhu’ verrichtte (wassing ter voorbereiding voor het gebed) probeerden ze allemaal het gebruikte water te bemachtigen. Ze keken hem nooit in de ogen, uit respect.”

Dit is de manier waarop de Profeet door zijn gezellen werd behandeld. Hij was de Boodschapper van Allah die grote kwaliteiten bezat en het beste gedrag ooit vertoonde.

4.                   Hem geloven in aangelegenheden die handelen over godsdienst en over gebeurtenissen in het verleden, het heden en de toekomst waarover hij ons heeft verteld.

Navolging, aanhankelijkheid en onderwerping aan zijn bevelen zijn enkele van zijn rechten. Wanneer een Muslim gelooft in de Profeet en zijn godsdienst wil volgen, dan moet hij dat doen in het overtuiging dat de manier waarop de Profeet dat deed de beste wijze is. Geloof in de Profeet houdt de bevestiging in dat zijn godsdienst de beste is.

“Zeg (O Muhammad): ‘Als jullie van Allah houden, volg mij dan. Allah zal van jullie houden en jullie zonden vergeven. En Allah is Vergevensgezind, Meest Barmhartig’.”
(De Edele Quran 3:31)

De verplichting de Profeet (vrede en zegeningen met hem) te volgen

1.                   Het is een bevel van Allah om de Profeet (vrede en zegeningen met hem) in alle aangelegenheden tot onze rechter te maken.

“Bij jouw Heer, zij geloven niet totdat zij jou laten oordelen over waar zij over van mening verschillen en dan in zichzelf geen weerstand vinden tegen wat jij oordeelde, en zij aanvaarden (het dan) volledig.”
(De Edele Quran 4:65)

2.                   Allah heeft ook vermeld dat de Profeet (vrede en zegeningen met hem) de Quran en Wijsheid heeft gekregen om de mensen de regels van hun godsdienst bij te brengen:

“Voorzeker, Allah gaf een grote gunst aan de gelovigen toen Hij tot hen eenBoodschapper uit hun midden stuurde. Hij draagt hun Zijn Verzen voor en hij reinigt hen (de gelovigen) en hij onderwijst hun het Boek (de Koran) en de Wijsheid, terwijl zij daarvoor zeker in duidelijke dwaling verkeerden”.
(De Edele Quran 3:164)

3.                   Zij die de Profeet (vrede en zegeningen met hem) volgen zijn degenen die voorspoed genieten, aangezien Allah heeft gezegd:

“(Zij zijn) degenen die de Boodschapper van Allah volgen, de ongeletterde Profeet waarover bij hen, in de Taurât en in de Indjîl, geschreven is. Hij beveelt hun het behoorlijke en hij verbiedt hun het verwerpelijke. En hij staat hun de goede dingen toe en bij verbiedt hun de slechte dingen. En hij bevrijdt hun van hun lasten en van de boeien die op hen rusten. Degenen die hem geloven, hem bijstaan en hem helpen, en die het Licht (de Koran) volgen dat met hem is neergezonden, zij zijn degenen die welslagen.”
(De Edele Quran 7:157)

4.                   Een direct bevel van Allah om de bevelen van de Profeet (vrede en zegeningen met hem) op te volgen vinden we in dit vers:

“(…) En wat de Boodschapper jullie geeft, neemt dat. Maar wat Hij jullie verbiedt, onthoudt jullie daarvan. En vreest Allah. Voorwaar, Allah is hard in de bestraffing.”
(De Edele Quran 59:7)

5.                   Allah heeft tevens de gehoorzaamheid aan de Profeet (vrede en zegeningen met hem) verbonden aan onze gehoorzaamheid aan Hemzelf:

“En gehoorzaamt Allah en de Boodschapper.
Hopelijk zullen jullie begenadigd worden.”
(De Edele Quran 3:132)
en
“Wie de Boodschapper gehoorzaamt,
hij gehoorzaamt waarlijk Allah. (…)
(De Edele Quran 4:80)

6.                   Allah heeft ons gewaarschuwd voor het niet navolgen van de instructies van de Profeet (vrede en zegeningen met hem)

“(…) Laten degenen die zijn bevel ongehoorzaam zijn opletten
dat een beproeving hen treft of een pijnlijke bestrafring hen treft.”

(De Edele Quran 24:63)

7.                   Allah heeft ons gezegd dat ongehoorzaamheid aan de Profeet (vrede en zegeningen met hem) Kufr (ongeloof) is:

“Zeg: “Gehoorzaamt Allah en de Boodschapper.
Maar als jullie je afwenden, voorwaar,
Allah houdt niet van de ongelovigen.”
(De Edele Quran 3:32)

8.                   Allah heeft nooit toegestaan dat een gelovige een bevel van de Profeet (vrede en zegeningen met hem) niet gehoorzaamt:

“En het past een gelovige man en een gelovige vrouw niet,
wanneer Allah en Zijn Boodschapper een zaak hebben besloten,
om een andere keuze te maken in hun zaak.
En wie Allah en Zijn Boodschapper niet gehoorzaamt,
waarlijk, hij verkeert in duidelijke dwaling.”
(De Edele Quran 33:36)

9.                   Bij een meningsverschil het oordeel van de Profeet (vrede en zegeningen met hem) niet volgen is een teken van hypocrisie. Allah zegt:

“En zij (de huichelaars) zeggen: “Wij geloven in Allah en de Boodschapper en wij gehoorzamen.” Vervolgens wendt een groep van hen zich daarna af. En zij zijn niet de gelovigen. En wanneer zij tot Allah en Zijn Boodschapper opgeroepen worden, opdat hij onder hen oordeelt, dan is er een groep onder hen die zich afwendt. (…) De woorden van de gelovigen, wanneer zij naar Allah en Zijn Boodschapper opgeroepen worden, opdat hij onder hen oordeelt, zijn slechts dat zij zeggen: “Wij horen en wij gehoorzamen.” En zij zijn degenen die de welslagenden zijn.”
(De Edele Quran  24:47-51)

 

===============================================

 

http://sunnah4holland.nl/sunnah-hadith/

http://muslimvrouwen.wordpress.com/2012/12/16/het-belang-van-de-sunnah/

 

De status van de Soennah
——————————

De profetische Soennah heeft een zeer belangrijke status in de Islam. De Soennah is de tweede bron van de Islam, na de edele Koran. De Soennah is de praktische toepassing van de Koran. De Soennah is een verduidelijking van de onduidelijkheden van de Koran, een verheldering van zijn betekenissen en een uiteenzetting van zijn woorden. De Koran heeft de algemene grondbeginselen en fundamenten van de islamitische wet vastgelegd, terwijl de Soennah deze grondbeginselen en fundamenten gedetailleerd verklaart en de vertakkingen ervan uiteenzet. Daarom is de religie incompleet en is de islamitische wetgeving onvolmaakt, totdat men de Soennah naast de Koran plaatst. Er zijn vele Koranverzen en talloze profetische overleveringen die ons opdragen om de Profeet (vrede zij met hem) te gehoorzamen en vast te houden aan zijn Soennah. Daarnaast heeft de moslimgemeenschap consensus over het gezag van de Soennah en de verplichting van het volgen hiervan.

 

 

Enkele bewijzen uit de Koran:
———————————-


Verschillende Koranverzen wijzen op het gezag van de Soennah en de verplichting van het volgen van de Profeet (vrede zij met hem), onder andere:

* De verzen die duidelijk aangeven dat men verplicht is de Profeet (vrede zij met hem) te gehoorzamen en te volgen, die waarschuwen voor het tegenstrijdig handelen met zijn Soennah en het veranderen hiervan en die verduidelijken dat de gehoorzaamheid aan de Profeet (vrede zij met hem) gelijkstaat met de gehoorzaamheid aan Allah:

‘O jullie die geloven! Gehoorzaam Allah en gehoorzaam de Boodschapper en laat jullie daden niet verloren gaan.’ (47:33)

‘Wie de Boodschapper gehoorzaamt, die heeft waarlijk Allah gehoorzaamd. Maar wie zich afkeert, Wij hebben jou niet als waker gezonden over hen.’ (4:80)

‘En wat de Boodschapper jullie geeft, neem dat en wat hij jullie verbiedt, onthoud jullie daarvan. En vrees Allah. Voorwaar, Allah is hard in de bestraffing.’ (59:7)

‘En als jullie ergens onenigheid over hebben, voer het dan terug naar Allah en de Boodschapper als jullie geloven in Allah en de Laatste Dag.’ (4:59)

* De verzen die de gehoorzaamheid aan de Profeet (vrede zij met hem), de tevredenheid met zijn oordeel en de overgave aan zijn bevel een voorwaarde maken voor het geloof:

‘En het past een gelovige man en een gelovige vrouw niet – wanneer Allah en Zijn Boodschapper een zaak hebben besloten – om een andere keuze te maken in hun zaak. En wie Allah en Zijn Boodschapper ongehoorzaam is, die verkeert voorzeker in duidelijke dwaling.’ (33:36)

‘Maar neen, bij jouw Heer! Zij geloven niet, totdat zij jou (o Mohammed) laten oordelen over datgene waarover zij van mening verschillen en vervolgens in zichzelf geen weerstand vinden tegen datgene wat jij hebt geoordeeld en zich volledig overgeven.’ (4:65)

‘De woorden van de gelovigen – wanneer zij worden opgeroepen naar Allah en Zijn Boodschapper om tussen hen te oordelen – is dat zij enkel zeggen: ‘Wij luisteren en wij gehoorzamen.’ En diegenen zijn de succesvollen.’ (24:51)

* De verzen die aangeven dat de Soennah een openbaring is van Allah, dat de Profeet (vrede zij met hem) niet uit zijn eigen begeerte spreekt met betrekking tot de religie en dat hetgeen de Profeet (vrede zij met hem) verbiedt in zijn Soennah gelijkstaat met hetgeen Allah verbiedt in Zijn Boek:

‘En hij (Mohammed) spreekt niet uit begeerte. Het is niets dan een openbaring die geopenbaard wordt.’ (53:3-4)

‘Strijd tegen degenen die niet geloven in Allah en in de Laatste Dag en niet verbieden wat Allah en Zijn Boodschapper hebben verboden…’ (9:29)

‘Degenen die de Boodschapper, de ongeletterde Profeet, volgen, die zij bij hen beschreven vinden in de Thora en het Evangelie. Hij gebiedt hen het behoorlijke en verbiedt hun het verwerpelijke en staat voor hen de goede zaken toe en verbiedt voor hen de verdorven zaken…’ (7:157)

* De verzen die aangeven dat het de taak van de Profeet (vrede zij met hem) is om de Koran uit te leggen en dat hij zijn gemeenschap de Wijsheid onderwijst net zoals hij hun het Boek onderwijst:

‘En Wij hebben de Vermaning naar jou (o Mohammed) laten neerdalen, zodat jij aan de mensen verduidelijkt wat er naar hen is neergedaald, opdat zij zullen nadenken.’ (16:44)

‘En Wij hebben het Boek enkel naar jou (o Mohammed) laten neerdalen, zodat jij datgene waarover zij onenigheid hebben voor hen verduidelijkt en als een leiding en barmhartigheid voor een volk dat gelooft.’ (16:64)

‘Voorzeker, Allah heeft de gelovigen begunstigd door een Boodschapper naar hen te zenden vanuit hun midden, die Zijn verzen aan hen voordraagt en hen zuivert en hun het Boek en de Wijsheid onderwijst.’ (3:164)

De Imams en de mensen van kennis zeggen dat met de Wijsheid de Soennah van de Profeet (vrede zij met hem) wordt bedoeld.

 

 

 

Enkele bewijzen uit de Soennah:
————————————-


De bewijzen uit de Soennah zijn teveel om op te sommen. Deze zijn een onweerlegbaar bewijs voor het gezag van de Soennah en de verplichting van het handelen hiernaar, onder andere:

* De overleveringen waarin de Profeet (vrede zij met hem) vertelt dat aan hem de Koran en het gelijke daaraan is geopenbaard, dat de wetten die hij voorschrijft afkomstig zijn van Allah, dat het handelen naar de Soennah gelijkstaat met het handelen naar de Koran, dat de gehoorzaamheid aan hem gelijkstaat met de gehoorzaamheid aan Allah en dat de ongehoorzaamheid aan hem gelijkstaat met de ongehoorzaamheid aan Allah:

‘Weldra zal er aan een persoon die op zijn rustbank leunt één van mijn overleveringen worden verteld, waarop hij zal zeggen: ‘Tussen ons en jullie is het Boek van Allah. Datgene wat wij daarin als toegestaan aantreffen, staan wij toe en datgene wat wij daarin als verboden aantreffen, verbieden wij.’ Waarlijk! Datgene wat de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) verbiedt, staat gelijk met datgene wat Allah verbiedt.’

Overgeleverd door Ibn Maadjah. De overlevering van Aboe Daawoed is als volgt:

‘Waarlijk! Ik heb de Koran gekregen en het gelijke daaraan. Waarlijk! Weldra zal een verzadigd persoon op zijn rustbank zeggen: ‘Houd jullie aan deze Koran. Wat jullie daarin als toegestaan aantreffen, sta dat toe en wat jullie daarin als verboden aantreffen, verbied dat.’ 

‘Wie mij gehoorzaamt, die heeft waarlijk Allah gehoorzaamd en wie mij ongehoorzaam is, die is waarlijk ongehoorzaam aan Allah.’ Overgeleverd door al-Boekhaarie en Moeslim.

‘Mijn gehele gemeenschap zal het Paradijs binnengaan, behalve degene die weigert.’ Men vroeg: ‘O Boodschapper van Allah! Wie weigert nu het Paradijs binnen te gaan?’ Hij antwoordde: ‘Degene die mij gehoorzaamt, zal het Paradijs binnengaan. Degene die mij echter ongehoorzaam is, die weigert (het Paradijs binnen te gaan).’ Overgeleverd door al-Boekhaarie.

* De overleveringen waarin de Profeet (vrede zij met hem) ons opdraagt om vast te houden aan zijn Soennah, de aanbiddingen en rituelen van hem over te nemen en het luisteren naar zijn overleveringen, het onthouden hiervan en het verkondigen hiervan en de overleveringen waarin hij ons verbiedt over hem te liegen:

‘Ik heb twee zaken bij jullie achtergelaten. Als jullie hieraan vasthouden, zullen jullie nooit dwalen: het Boek van Allah en mijn Soennah.’ Overgeleverd door al-Bayhaqie en anderen.

‘Houd jullie aan mijn Soennah en de Soennah van de geleide kaliefen na mij. Houd hieraan vast en bijt daarin met jullie kiezen.’ Overgeleverd door Aboe Daawoed.

‘Bid zoals jullie mij hebben zien bidden.’ Overgeleverd door al-Boekhaarie.

‘Neem jullie rituelen (van de bedevaart) van mij over.’ Overgeleverd door an-Nasaa-ie.

‘Moge Allah het gezicht verlichten van een persoon die mijn woorden hoort, deze onthoudt en verkondigt.’ Overgeleverd door at-Tirmidhie en anderen.

‘Het liegen over mij is niet als het liegen over iemand anders. Wie opzettelijk over mij liegt, kan zijn zitplaats innemen in het Hellevuur.’ Overgeleverd door al-Boekhaarie.

De handelingen van de Metgezellen
—————————————–

Dit was ook de handelwijze van de Metgezellen (moge Allah tevreden met hen zijn). Zij voerden de Soennah van de Profeet (vrede zij met hem) aan als bewijs, zij volgden zijn leiding, zij gehoorzaamden zijn geboden en zij keerden naar hem terug in al hun grote en kleine zaken. Zij waren het meest begerig naar het aanschouwen van zijn woorden en daden, het onthouden hiervan en het handelen hiernaar. Hun opvolging van hem ging zelfs zo ver dat zij alles uitvoerden wat de Profeet (vrede zij met hem) uitvoerde en alles lieten wat hij liet, zonder op de hoogte te zijn van een oorzaak of wijsheid hierachter.

Ibn ‘Oemar zei: ‘De Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) nam een gouden ring, waarna ook de mensen gouden ringen namen. Daarna wierp de Profeet (vrede zij met hem) deze weg en zei: ‘Voorwaar, ik zal deze nooit meer aandoen’, waarna ook de mensen hun ringen wegwierpen.’ Overgeleverd door al-Boekhaarie.

Aboe Sa’ied al-Khoedrie zei: ‘Toen de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) eens zijn Metgezellen in gebed leidde, trok hij zijn schoenen uit en plaatste deze aan zijn linkerzijde. Toen de mensen dat zagen, trokken zij ook hun schoenen uit. Toen de Profeet (vrede zij met hem) zijn gebed had beëindigd, zei hij: ‘Waarom hebben jullie je schoenen uitgetrokken?’ Zij antwoordden: ‘Wij zagen dat jij jouw schoenen uittrok, waarna wij ook onze schoenen uittrokken.’ Daarop zei de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem): ‘Voorwaar, Djibriel (Gabriël, vrede zij met hem) kwam naar mij en vertelde mij dat mijn schoenen een onreinheid bevatten.’ Overgeleverd door Aboe Daawoed.

 

 

 

 

Het handelen naar de Koran alleen is onmogelijk
——————————————————–


Eén van de bewijzen voor het gezag van de Soennah is dat men de islamitische wetgeving en de details hiervan niet kan opmaken uit de Koran alleen. De Koran bevat namelijk beknopte teksten die behoefte hebben aan verduidelijking en bevat veelduidige teksten die behoefte hebben aan verheldering. Daarom is er een grote nood aan een andere verduidelijking die de bedoeling van Allah weergeeft en de details van de wetten in de Koran vastlegt. De enige weg hiertoe is de Soennah. Zonder de Soennah kunnen de wetten van de Koran niet worden toegepast en vervallen de geboden en verboden.

Imam Ibn Hazm (moge Allah hem genadig zijn) zei: ‘Waar in de Koran kan men vinden dat het middaggebed uit vier gebedseenheden bestaat en dat het avondgebed uit drie gebedseenheden bestaat, dat de buiging op zus en zo een manier wordt verricht en de knieling op zus en zo een manier, de wijze van de recitatie en de vredegroet waarmee het gebed wordt beëindigd? Waar kan men vinden wat men tijdens de vasten moet vermijden, wat de hoeveelheid van de armenbelasting is in het goud, het zilver, de schapen, kamelen en koeien en wanneer men verplicht is de armenbelasting te geven? Waar kan men vinden wat men tijdens de bedevaart moet doen, zoals het staan op ‘Arafah, de wijze van het gebed in deze plaats en in Moezdalifah, het gooien van de stenen, de gewijde staat en wat men hierin moet vermijden, de regels van het zogen, het voedsel dat verboden is, de wijze van het offeren, de regels van de scheiding, de regels van de koop en verkoop, rentetransacties en andere zaken van de rechtsleer? De Koran bevat slechts algemene bepalingen die wij niet in praktijk kunnen brengen zonder terug te keren naar de overleveringen van de Profeet (vrede zij met hem). Daarom is het noodzakelijk voor ons om terug te keren naar de profetische overlevering. Als iemand zou zeggen: ‘Ik neem enkel datgene wat ik in de Koran aantref’, dan is hij een ongelovige volgens de consensus van de moslimgemeenschap.’

Toen men tegen Moetarrif ibn ‘Abdillaah ibn ash-Shikkhier (moge Allah tevreden met hem zijn) zei: ‘Lever ons enkel over van de Koran‘, antwoordde hij: ‘Bij Allah! Wij wensen de Koran niet te vervangen, maar wij volgen degene die meer kennis heeft van de Koran dan wij.’

Toen een man tegen ‘Imraan ibn Hoesayn (moge Allah tevreden met hem zijn) zei: ‘Jullie vertellen ons overleveringen waarvoor wij geen basis vinden in de Koran‘, werd ‘Imraan boos en zei: ‘Voorwaar, jij bent een krankzinnige man! Tref jij in de Koran aan dat het middaggebed uit vier gebedseenheden bestaat en dat men daarin zachtjes reciteert?’ Daarna noemde hij het gebed, de armenbelasting en andere zaken op. Vervolgens zei hij: ‘Tref jij de uitleg van deze zaken aan in het Boek van Allah? Voorwaar, het Boek van Allah heeft deze zaken niet vermeld, maar het is de Soennah die deze uitlegt.’

De regels die in de Soennah worden vermeld, zijn in werkelijkheid afkomstig uit de Koran en afgeleid uit de grondbeginselen in de Koran. Allah heeft hier namelijk naar verwezen in Zijn Boek. Het handelen hiernaar is in feite dus als het handelen naar de Koran en het laten hiervan is als het laten van de Koran. Dit is ook hoe de Metgezellen en de Voorgangers het begrepen. 

Toen ‘Abdoellaah ibn Mas’oed (moge Allah tevreden met hem zijn) het volgende zei: ‘Allah vervloekt de vrouwen die tatoeages bij anderen aanbrengen, de vrouwen die anderen vragen om een tatoeage bij hen aan te brengen, de vrouwen die hun wenkbrauwen epileren om er mooier uit zien, zij die de schepping van Allah veranderen’, kwam er een vrouw naar hem en zei: ‘Ik heb gehoord dat jij zulke en zulke vrouwen vervloekt.’ ‘Abdoellaah zei: ‘Waarom zou ik degenen niet vervloeken die door de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zijn vervloekt, zoals ook in het Boek van Allah staat?’ De vrouw zei: ‘Voorzeker, ik heb hetgeen tussen de twee kaften (de hele Koran) gelezen, maar ik heb daarin niet gevonden wat jij zegt.’ ‘Abdoellaah zei: ‘Als jij de Koran hebt gelezen, dan zou je het vinden. Heb jij de volgende Woorden niet gelezen: ‘En wat de Boodschapper jullie geeft, neem dat en wat hij jullie verbiedt, onthoud jullie daarvan.’ (59:7)?’ De vrouw antwoordde: ‘Jawel.’ ‘Abdoellaah zei: ‘Voorwaar, de Boodschapper (vrede zij met hem) heeft dit verboden.’ (Al-Boekhaarie)

Uit het voorgaande wordt het dus duidelijk dat men verplicht is de Soennah aan te nemen en hier naar te handelen, dat de Soennah gelijk is aan de Koran betreffende de verplichting van het opvolgen ervan, da
t degene die de Soennah verwerpt in feite de Koran verwerpt, dat de gehoorzaamheid aan de Profeet (vrede zij met hem) gelijkstaat met de gehoorzaamheid aan Allah en de ongehoorzaamheid aan de Profeet (vrede zij met hem) met de ongehoorzaamheid aan Allah en dat de enige redding en bescherming tegen de dwaling is door vast te houden aan zowel de Koran als de Soennah.

 

 

Binnen de islam kennen we 4 wetscholen (arabisch meervoud: madhaahib). Een wetschool is een methode van uitleg en interpretatie van geleerden over de Koran en Overleveringen (hadith). Alle wetscholen hebben als eerste bron uiteraard de Koran en Profetische levenswijze (sunnah).

De zaken waarin de wetscholen verschillen, zijn zaken waar het gaat over fiqh (jurisprudentie), wat betreft geloofsleer (aqeedah) zijn ze het allemaal met elkaar eens.

Voorbeeld: de ene hadith zegt dat de profeet (vrede zij met hem) in het gebed na surah al fatiha “ameen” luidop zei, terwijl een andere hadith zegt dat hij het zachtjes zei, beide zijn sahih maar welke moeten we volgen?

De geleerden die met elkaar verschillen van mening kunnen daarom beide een bewijs geven en is er geen sprake van “jij doet het fout en ik doe het goed”. De geleerden die bevoegd zijn ijtihaad te doen (afweging maken welke hadith de voorkeur krijgt) zijn de mensen die zulke kwesties voor ons uitstippelen zonder dat wij met ons geringe “kennis” beweren dat we “het sterkste bewijs” volgen terwijl we de bewijzen niet eens grondig kennen.

We leven nu in een tijd waarin veel mensen geen madhab meer volgen en menen zelf de Quran en sunnah te kunnen begrijpen en volgen. In hoeverrre kunnen wij de quran en sunnah (niet te vergeten: met een nederlandse interpretatie) werkelijk zelf volgen? Zijn wij daar bevoegd voor? Kennen wij de werkelijke betekenis van de overlevingen en de quran ayaat? Kennen wij de context? Kunnen wij ijtihaad en qiyaas doen? (Qiyaas= analogie)